Voorbeeld afloscapaciteit in budgetplan en VTLB

Uit SchuldhulpHulp
Versie door DJB (overleg | bijdragen) op 5 dec 2019 om 13:14
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De afloscapaciteit wordt in het algemeen bepaald door van de Inkomsten, zoals salaris/uitkering, de vaste lassten, kosten van leefgeld en de reservering onvoorzien af te trekken. Dat werk bij clienten met een gemiddeld inkomen (indicatie Netto €2.200) goed. Echter bij een lager salaris/uitkering gaat dit niet op. Op dat moment gooien toeslagen en andere inkomensondersteunende maatregelen roet in het eten en zou je feitelijk de afkloscapaciteit dienen te bepalen op basis van het Vrij Te Laten Bedrag. Aan de hand van onderstaand fictief voorbeeld wordt dit uitgelegd:

    Berekening volgens budgetpplanX   Berekening volgens VTLB
Inkomsten            
  Salaris/uitkering € 985     € 985  
  Huurtoeslag € 400        
  Zorgtoeslag € 99        
  Kinderbijslag € 202        
  Totaal
€ 1,686

€ 985
Uitgaven            
  Huur € -650     € -211  
  Zorgverzekering € -120     € -40  
  Eigen Risico Zorgverzekering € -32     € -32  
  Overige vaste lasten € -352     € -352  
  Leefgeld € -300     € -300  
  Reservering onvoorzien € -50      
  Totaal
€ -1,462

€ -935
Afloscapaciteit  
€ 236

€ 50


Uitleg

Bij het bepalen van het VTLB wordt er geen rekening gehouden met toeslagen die bepaalde vaste kosten zoals in dit gevalhuur- en zorgtoeslagcompenseren. In plaats daarvan wordt gerekend met een normhuur en een normziektekeostenverzekering waarbij geen rekening wordt gehouden met de Werkelijke situatie van uitgaven en uitgekeerde toeslagen.